Firenze: Tips voor de ‘anti- toerist’…

Florence; de stad in de Toscane vol kunst en adembenemende schoonheid. Ik heb er jaren geleden gestudeerd en gewoond. Een stad die iedereen gezien moet hebben. Het enige nadeel is misschien dat iedereen er dus ook daadwerkelijk naar toe gaat. Drommen toeristen persen zich dag in dag uit door de smalle straatjes van het historisch centrum van deze eeuwenoude stad. Ze blokkeren het verkeer, nemen hun eigen taal en gebruiken mee en maken het daardoor soms moeilijk om de authentieke sfeer van zo’n stad nog te kunnen proeven.

Hier volgen een aantal tips voor de ‘anti-toerist’ in Florence; de Nederlander die niet per se wil laten merken dat hij Nederlander is en zich het liefst mengt tussen die luidruchtige Florentijnen om zich, al is het maar een beetje, Italiaans te voelen. Nadat alle trekpleisters, Il Duomo, Piazza Signoria en Santa Croce, zijn aangedaan en de toeristen je de neus uitkomen, neem dan nog één keer diep adem, loop de overvolle Ponte Vecchio over, adem uit en ontspan: dit is het echte Florence. Als je toch nog wat toeristen wilt zien om een beetje langzaam af te kicken, loop dan rechtdoor naar Palazzo Pitti; een majestueus gebouw dat, de destijds regerende Medici, betrokken nadat Palazzo Vecchio (vandaar ook de naam; oud paleis) hen een beetje te stads werd ze en behoefte hadden aan meer natuur. De Boboli tuinen achter het paleis konden deze behoefte meer dan genoeg vervullen. Als je ook even rust wilt en gewoon in het groen wilt wandelen, raad ik deze tuinen dan ook van harte aan.

Maar goed, je kunt er ook voor kiezen om rechtsaf Borgo San Jacopo in te lopen. Dit gebied heet Oltrarno, aan de ander kant van de Arno. Hier vind je ontzettend veel artigiani, ambachtslieden die nog echt handwerk uitvoeren. Je vindt er lijstenmakers, schoenmakers, meubel restaureerders, kunstenaars, hout- of bronsbewerkers, etc. Je kunt vaak ook gewoon binnenlopen en de meesters aan het werk zien; absoluut een kijkje waard! Het gebied tussen Via Maggio en Via de Serragli wemelt ervan.

Dit gebied heet Santo Spirito, naar de kerk die zich op het gelijknamige plein bevindt. Als je dit plein oploopt voel je gewoon de sfeer veranderen. Mensen zitten gemoedelijk bij elkaar op de traptreden voor de kerk een piadina (een gevulde wrap) te eten, een ander speelt wat gitaar, op de terrassen geniet men van een lekkere pizza of gewoon van een biertje. Natuurlijk zul je hier wel wat toeristen tegenkomen, maar absoluut een stuk minder dan in het centrum. ’s Avonds is het hier ook lekker relaxed uitgaan en zie je simpelweg het hele plein vol staan met kletsende, lachende en drinkende Italianen.

Deze typische Italiaanse gewoonte van een drankje en een hapje voor het eten heet aperitivo en kun je eigenlijk overal vinden.
Je bestelt een drankje (favoriet onder de Italianen: Negroni, Spritz of Americano) en je kunt dat variëren met wat hapjes of een maaltijd. Je Italiaan zin stijgt direct met tien punten.

Of je na je aperitivo nog ruimte hebt voor cena (diner) moet je maar even bekijken, maar anders raad ik je ten zeerste mijn favoriete restaurant aan: Il Cantinone, Via Santo Spirito 6/r.  http://www.ilcantinonedifirenze.it/en/index.html
Het restaurant bevindt zich in een oude wijnkelder waar je voor een hele goede prijs heerlijk kunt eten. Laat het menu aan de chef over en je hebt een onvergetelijke avond. En, mi raccomando, die cappuccino na het eten laten we even achterwegen hè? Grazie. Veel plezier!